Banner
Home
Kazerne Dossin
geschiedenis
museum
documentatiecentrum
memoriaal
nieuws
vrienden
info & contact
links

Nederlands
français
Deutsch
English
Sitemap

home > geschiedenis > Hulp aan de Joden: een lichtpunt

 

Reacties op de valstrik
C.D.J. (Comité de Défense des Juifs)
Partizanen
Rechtvaardigen onder de Naties

 

Reacties op de valstrik


Mannen en vrouwen uit alle lagen van de bevolking, joods én niet-joods, reageren op de wreedheid van de vervolgingen. Zij proberen verdedigingsmechanismen te ontwikkelen. De links-zionistische arbeiderspartij publiceert de eerste Jiddische sluikkrant, Unzer Vort (Ons Woord) en waarschuwt de Jodenraad: "De tijd dat we ons kalm onderwerpen aan de bevelen van de nazi's, is voorbij."

Een groot deel van de Belgische bevolking wordt gealarmeerd door de gele ster die plots massaal in het straatbeeld verschijnt. Op 5 juni 1942 stelt de "Bijeenkomst van de Burgemeesters van Brussel" de Oberfeldkommandantur ervan op de hoogte dat de gemeentelijke diensten zullen weigeren de gele ster in de hoofdstad te verdelen. Sluikkranten roepen de bevolking op tot solidariteit. La Libre Belgique, clandestien heropgericht in 1940, schrijft: "Burgers, uit haat voor het nazisme en uit loyaliteit voor jezelf, doe wat je nog niet gedaan hebt: groet de joden."

L'ami du peuple
La Libre Belgique (1 augustus 1942) roept op om te protesteren
tegen het lot van de joden: “Dat zal de Moffen razend maken!” 
(© Musée de la Résistance)

<Top>


De razzia's van 1942 drijven duizenden joden in de illegaliteit, zij duiken onder. Ami du Peuple, de spreekbuis van de Anti-Joodse Liga, zet zijn lezers ertoe aan om joden te verklikken.

protest
Hoofding van het weekblad L’ami du peuple: “De jood heeft de oorlog gewild.
Hij is de oorzaak van ons leed. De jood zal uitgeroeid worden.”
(© SOMA)


Maar er zijn ook Belgen die de joden helpen onderduiken. Velen doen dit op eigen initiatief, bieden joden een schuilplaats aan op hun zolder, in hun kelder, … Maar geleidelijk groeien er ook netwerken en organisaties die systematisch zoveel mogelijk joden uit de klauwen van de nazi’s proberen te houden.

ondergedoken meisjes
Ester en Wilma met kinderverzorgster Maria Bertens. De meisjes zitten 
ondergedoken in het klooster naast de Kazerne Dossin. (© JMDV)

<Top>


C.D.J. (Comité de Défense des Juifs)


Zo richten communistische en links-zionistische militanten in september 1942 een Joods Verdedigingscomité (Comité de Défense des Juifs - C.D.J.) op. Dit comité wordt snel uitgebreid naar andere middens en vindt onderdak bij de belangrijkste nationale verzetsbeweging, het Onafhankelijkheidsfront (OF). De hoogste prioriteit van het C.D.J. is "het redden van de kinderen, die achtergelaten zijn door hun ouders als gevolg van de deportatie en die dreigen hetzelfde lot te ondergaan".

Het C.D.J. richt een sociale dienst op, die functioneert op nationaal vlak. De afdeling 'kinderen' is verantwoordelijk voor het verbergen en onderhouden van de ondergedoken kinderen. De medewerking die C.D.J. bij de niet-joodse bevolking ontmoet is zeer groot. Dankzij 'ongewapende verzetsstrijders' redt het C.D.J. alleen al meer dan 3.000 kinderen van de deportatie. De tol is echter hoog. Vele leden van de C.D.J. worden gearresteerd, evenals talrijke medewerkers.

Andrée Geulen
Andrée Geulen, actief lid van het CDJ, in actie.
Als koerierster haalde zij de kinderen bij hun ouders op
en bracht hen in veiligheid op een onderduikadres.
Daar ging ze regelmatig langs om voedselbonnen, kledingbonnen, …
onder de onderduikertjes te verdelen. (© JMDV)


Het C.D.J. neemt ook deel aan verzetsactiviteiten op nationaal vlak, zoals de sluikpers. De krant van de C.D.J. in Charleroi, Unser Kampf publiceert in juni 1943 een getuigenis van twee Antwerpse joden die ontsnapten uit een werkkamp in Opper-Silesië. Zij doen volgende oproep: "Wij, joden, hebben niets te verliezen! We komen liever op voor onszelf door hier te vechten, met wapens in onze handen, dan het risico te lopen om tijdens een razzia opgepakt te worden en naar Auschwitz te moeten!"

<Top>


Partizanen


Ook het gewapend verzet, waaraan talrijke joden deelnemen, speelt een eminente rol. De partizanen schakelen Duitsers uit, overvallen postkantoren en gemeentehuizen of blazen spoorlijnen op.

Zo werd op 25 juli 1942 het steekkaartensysteem dat de JVB gebruikte voor de zogenaamde “Arbeidsmobilisatie”, verbrand door joodse Partizanen. Spijtig genoeg bleek er nog een kopie van het systeem te bestaan. Op 29 augustus schieten joodse Partizanen de joodse verantwoordelijke voor de "Arbeidsmobilisatie" van de JVB dood.

Een unieke gebeurtenis in de annalen van de Europese deportatie is de aanval op het XXste konvooi. Op 19 april 1943 verlaat voor de twintigste keer een trein de Dossinkazerne met ‘onbekende bestemming’. 1631 gedeporteerden worden meegevoerd, bewaakt door zo’n veertig mannen van de Schutzpolizei.  Rond 23u  rijdt de trein aan verminderde snelheid in een bocht in Boortmeerbeek. Op die plek wordt de trein gestopt door drie jonge mannen, Youra Livschitz, Jean Franklemon en Robert Maistriau.

Om de trein tegen te houden hebben ze een stormlamp, overdekt met rood papier, op de sporen gezet. Ondanks het geweervuur slagen zij erin een wagon te openen en zeventien gedeporteerden te bevrijden. Dan zet de trein zich terug in beweging. Later die nacht zullen echter nog meer gevangenen uit de traag rijdende trein kunnen springen. Uiteindelijk ontsnappen 236 joden uit het XXste konvooi. Niettemin bleek deze ontsnapping een uiterst riskante onderneming:  de dag nadien werden naast de spoorlijn drieënwintig lijken aangetroffen, neergeschoten op de vlucht of bezweken aan hun verwondingen door de sprong.

Youra LivschitzJean FranklemonRobert Maistriau
Youra Livschitz, Jean Franklemon en Robert Maistriau
(© MJB-JMB en JMDV)


Een andere noemenswaardige heldendaad dateert van 19 mei 1943. Toen redden de Partizanen o.l.v. Paul Halter 15 joodse meisjes. Hun schuilplaats in het klooster Le Très Saint Sauveur in Anderlecht was namelijk ontdekt door de joodse verrader Gros Jacques die tegen betaling andere joden uitleverde. Het verzet is toen in actie gekomen en heeft de meisjes op spectaculaire wijze geëvacueerd naar veiliger oorden. 

<Top>


Rechtvaardigen onder de Naties


In de talmoed traditie staat geschreven: "Hij die één leven redt, redt de hele mensheid." Na de oorlog werden de mannen en vrouwen die hun leven hadden geriskeerd om joden te beschermen dan ook bedacht met de eretitel: "Rechtvaardigen onder de Naties". Zij zijn diegenen die ervoor zorgen dat men, ondanks alles, in de mensheid mag blijven vertrouwen.

We willen er enkele vermelden: Mevr. Yvonne Névejean, Directeur van het Nationaal Werk voor Kinderwelzijn, Mevr. Andrée Geulen, Mevr. Madeleine Sorel, Pater Joseph André, Dom Bruno, de zusters van Le Très Saint-Sauveur, Dhr. Henri Ovart, directeur van de Gatti de Gamond-kostschool en vele anderen….

Ook Koningin Elisabeth kreeg deze titel toegekend. Haar bemiddeling bij de Duitse legerleiding resulteerde in de redding van vele kinderen en oude mensen.

boom
Foto van de boom die geplant werd ter ere
van Pater Joseph André langs de 
Laan der Rechtvaardigen in Jeruzalem.
(© JMDV)

 

<<-- Vorige pagina - Volgende pagina -->>

 

<Top>

 

© JMDV - Dank aan Bieke, Inge, Jelle, Maaike, Tineke, Mediacentrum KULeuven
jmdv@telenet.be