Aantal
Vlak voor de Tweede Wereldoorlog waren er wereldwijd ongeveer 16.000.000 joden.
Hoeveel joden er voor de oorlog precies in België woonden, is niet bekend. Wel weten we met zekerheid dat het er minstens 56.000 waren, afgaande op de steekkaartenbak die de Duitsers tussen 1940 en 1942 aanlegden. Maar waarschijnlijk zijn het er meer geweest. Men schat dat het er zo’n 65.000 - 70.000 waren.

De kinderen Davidson voor de oorlog (© JMDV)
<Top>
Afkomst
Bovendien weten we dat amper 6 procent van de joden de Belgische nationaliteit
bezat. 94% waren vreemdelingen die in verschillende golven uit Oost-Europa
emigreerden.
Een eerste golf joodse mensen slaat vanaf het einde van
de 19e eeuw op de vlucht voor de pogroms in het tsaristisch Rusland.
De tweede en grootste golf is afkomstig uit Polen. Daar heerst na de
Eerste Wereldoorlog een zeer extreem-nationalistisch en antisemitistisch
klimaat.
Ten derde ontvluchtten in de jaren dertig grote groepen
joden de landen waar de nazi’s aan de macht kwamen: Duitsland,
Oostenrijk, Hongarije, …
Zij laten in Oost-Europa vaak zeer grote en bloeiende gemeenschappen
achter, met een eigen cultuur en een eigen taal, het Jiddish. De meeste
van deze migranten dromen van een oversteek naar Amerika. Bij gebrek
aan financiële middelen stranden zij echter vaak in België
en trachten er een nieuw leven uit te bouwen.

Joodse wijk in Warschau, 1938 (© VISHNIAC)
<Top>
Situatie
De joodse gemeenschap in België is een zeer gediversifieerde groep.
Afgezien van enkele rijke families, is het merendeel van de joodse migranten
arm tot zeer arm. Zij werken in de industrie en in kleine ateliers,
vooral in de leder- en pelsbewerking en in de diamant- en textielnijverheid.
Nagenoeg 80% woont in de Antwerpse en Brusselse agglomeraties.
Als zij politiek actief zijn, vinden we hen zowel in
linkse als in centrum- en rechtse partijen terug. Sommigen verenigen
zich in sportclubs, schoolgemeenschappen of jeugdbewegingen. Anderen
sluiten gewoon bij de Belgische instellingen aan.
Op religieus vlak is een minderheid uitgesproken vroom.
De meesten echter zijn liberale joden en verschillen
uiterlijk in niets van hun niet-joodse buren. Er zijn er ook die totaal
ongelovig zijn. Zij noemen zich jood vanuit hun affiniteit met een cultuur,
een identiteit, een traditie.

JASK (Joodse Arbeiders Sportklub) bij een
sportwedstrijd te Antwerpen, 1936
Volgende pagina
-->>
<Top>